hoe het allemaal begon
1. Het overkwam me
Nee… er was geen opzet, geen doel. Maar als ik wel eens met vrienden over mijn jeugd praatte veroorzaakten een paar anekdotes altijd leuke en emotionele reacties. Daar is het zaadje blijkbaar geplant. Men vond dat ik het moest opschrijven, iets wat ik nog nooit had gedaan. Ik wilde helemaal niet over mijn jeugd schrijven. Leek me oersaai. Ook al was mijn relatie tot mijn ouders daadwerkelijk zwaar kut… mijn jeugd als zodanig kende ook hele leuke momenten. Na de pubertijd is alles crescendo gegaan in mijn leven. Ik heb dan ook niets om over te klagen en ik heb ook geen traumatische herinneringen aan die periode. Ik kan er enorm om lachen, om dat rare nest waarin ik geboren ben.
Maar ruim twee jaar geleden begon ik toch in mijn hoofd een consistent verhaal te breien van al die losse gebeurtenissen. Ik had ineens zowaar een verhaallijn, een plot. En het belangrijkste was… het werd een universeel drama, ik heb het verhaal los gekoppeld van mijn werkelijke jeugd. Ik kon ineens mijn jeugd, mijn volwassenheid, mijn ervaringen, persoonlijk en die van mijn omgeving, versmelten in een psychologisch drama. Zelfs mijn filosofische ideeën, gewoon als belezen amateur, kon ik ineens kwijt in mijn drama. Bijna dagelijks dagdroomde ik in mijn verzonnen drama. Het zaadje was ontkiemd. Maar nog geen letter op ‘papier’.
2. Het schrijven begon
In de zomer van 2024 begon ik de eerste scènes op ‘papier’ te zetten. Losse flarden, maar het hele verhaal daarentegen zat al volledig in mijn hoofd. Ik deelde het alleen met mijn vrouw Bibi, verder heeft niemand het gemerkt. Ik had ook geen idee of het ooit iets zou worden. In de winter van 2024 naar 2025 konden we 4 maanden een klein huis op de Azoren huren. Santa Maria, een prachtig subtropisch eiland, midden in de Atlantische oceaan. In die geweldige natuur kon ik aan mijn boek werken. Alle vrije momenten schreef ik als een dolle. Opeens was ik gegrepen door mijn zelf gecreëerde drama. En Bibi telkens maar proeflezen…
In het voorjaar van 2025 heb ik het hier thuis in Frankrijk afgemaakt. Langzaam ben ik onder de steen vandaan gekropen. Chéché die zomaar een ‘boek’ heeft geschreven, kon het zelf niet geloven. Ik heb het met een aantal vrienden gedeeld, vrienden met een ‘taal of literaire achtergrond’. IK kon het wel leuk vinden, maar hun mening was van veel groter belang. En zowaar… de meesten vonden het verrassend leuk. Een enkeling vond er geen reet aan… maar die vriendschappen heb ik natuurlijk subiet beëindigd.
3. Hè... een boek?
Daarna is er een taalkundige correctieronde overheen gegaan. Operatie stofkam! Het groot Nederlands dictee ga ik zeker niet winnen, maar dat is ook nooit mijn doel geweest. En daar sta je dan, wat nu? Er ‘lag’ een boek voor mijn neus. Het zaadje was een boompje geworden.
Ik ben mij vervolgens gaan verdiepen in de uitgeverswereld. Dat viel me even zwaar tegen zeg… Ik keek een beetje naar de cijfers, tenslotte mijn vak geweest jarenlang. In de overkoepelende site van de uitgeversbranche las ik dat het geen vetpot is voor schrijvers. Maar 1% van de aangeboden boeken wordt uitgegeven, gemiddelde oplage per titel per jaar is circa 170 (!) boeken. Als een debuterende schrijver twee euro per boek krijgt… mag hij in zijn handjes knijpen. Dus als je mazzel hebt verdien je 3 a 4 honderd euro per jaar. Moet je wel een enorm ego hebben om daar aan mee te doen. En 99% krijgt überhaupt geen kans.
Maar ik vond het toch zonde om er niets mee te doen. Want ik had een boek, een boek dat ik graag wilde delen met anderen. Niet dat ik van mening ben dat ik iets waardevols heb geschreven, maar gewoon omdat ik mijn enthousiasme en dat van mijn proeflezers wilde delen. Het boek gaat over thema’s die universeel zijn maar ook erg gevoelig liggen. Maakbaarheid van de wereld, je afkomst, ons rollenspel, de leugen die altijd op de loer ligt. Maar ook emotionele facetten als kanker en euthanasie. En vooral hoe krampachtig we daar mee omgaan. Hoe we maar niet los kunnen komen van ons ego, van ons karakter. Hoe onze wil regeert.
4. En nu een site!
Al sinds 20 jaar wonen Bibi en ik in Frankrijk, teruggetrokken in de natuur. Ik doe helemaal niets met social media. Ik heb letterlijk niets te vertellen op dat vlak. Maar nu ineens was er een doel om die media wel in te zetten. Zodoende kwam het idee om een minimale Facebook pagina te gaan maken om het boek te gaan promoten. Maar na 3 dagen prutsen op het internet was ik al zo ziek van alle randshit die je over je heen krijgt bij Facebook dat ik besloot om een eigen website te maken om het boek te promoten. Dan maar wat minder ‘volgers’. Het was me gewoon teveel die Facebook reclames en berichten en wat al niet meer. Zoals jullie wel gemerkt hebben heb ik zelf als leek deze site gemaakt. Wat een gekut is dat, ben ik blij dat ik hier als een Robinson Crusoe geleefd heb, ver van al die shit. Maar de minimale opzet van een site is me gelukt, jullie kunnen me blijkbaar vinden, me mailen en mijn boek lezen. Dat was mijn enige doel. De rest is volledig onbelangrijk voor mij. Ga echt mijn tijd niet verprutsen aan het internet. Mijn ego heeft dat niet nodig, gelukkig maar.
Aangezien ik er nooit commerciële plannen mee had, mogen jullie het gratis hebben. Belangrijker voor mij is dat je het deelt met zoveel mogelijk anderen, mijn Facebook pagina heeft geen bereik na twintig jaar radiostilte. Ik moet het van jullie hebben. Of schrijf zelf een mooi verhaal in relatie tot de thematiek van De Leugenbaby, of het boek wellicht ook een spiegel voor je is geweest. Ik plaats het wel op de blogpagina.